Achtergrond

Aanleiding

Voor liefhebbers van rust, ruimte en natuur is Schiermonnikoog een gevaarlijk mooie plek: een bezoek brengen aan het eiland werkt namelijk verslavend. Het is niet voor niets dat jaarlijks een grote groep Schier-fans het eiland bezoekt. Het eiland is dan ook één van de fraaiste en afwisselende natuurgebieden van het land. Als eerste Waddeneiland is Schiermonnikoog al in 1989 verworden tot Nationaal Park, en in 2009 is valt het eiland samen met de het Waddengebied tot Unesco Werelderfgoed.

Naast de overweldigende natuurpracht staat het eiland al eeuwenlang bekend als landbouwgebied. Het Waddeneiland Schiermonnikoog is als het gaat om de spanning tussen landbouw en natuur vergelijkbaar met vele andere melkveegebieden in Nederland. Door de groei van de melkproductie is de druk op de natuur te groot geworden en zijn maatregelen nodig om die (stikstof)druk te verminderen. Vanuit de druk van de stikstof-problematiek hebben de boeren zelf het initiatief genomen om te voldoen aan de eis van de provincie om in het kader van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) 20% stikstofemissie te reduceren. Dit proces is 5 jaar geleden gestart en is een voorbeeld voor de praktische ontwikkeling van gangbare landbouwbedrijven en als regio naar kringlooplandbouw.

De melkveehouders op Schiermonnikoog willen ontwikkelen naar kringlooplandbouw op het eiland, waar de druk op de natuur binnen acceptabele grenzen komt. In 2016 heeft het Louis Bolk Instituut een haalbaarheidsstudie uitgevoerd, dat via het conceptueel kader biodiversiteit heeft gekeken naar een mogelijke vermindering van de stikstofdruk op de natuur, met voldoende economisch perspectief en veerkracht voor de landbouw op het eiland.

De boeren zijn bereid om gezamenlijk de verantwoording te nemen en de huidige veestapel behoorlijk te extensiveren; van 650 naar 420 melkkoeien met een melkreductie van 35 procent (naar 3 miljoen liter per jaar). Dit vermindert niet alleen de stikstofdepositie, de boeren laten hiermee ook zien dat er op het eiland een goede balans tussen natuur en landbouw kan zijn.

Samen met Natuurmonumenten grijpen zij de kans aan om de landbouw steeds verder te verduurzamen. Dit met de gedachte dat het Nationaal Park Schiermonnikoog en de polder elkaar kunnen versterken dor het afstemmen van het onderhoud, beter gebruik van organische reststromen (circulariteit) en condities voor biodiversiteit. De extensivering geeft ook ruimte om de condities voor het weidevogelbeheer te verbeteren voor een nog sterkere weidevogelpopulatie en om het landschap met biodiversiteit te verrijken. Zij nemen gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor het biodiverse beheer van de polder en de omliggende natuurgebieden. Hun ambitie is om op de langere termijn verder te gaan dan de 35% reductie en de biodiversiteit te laten floreren door ingrijpende veranderingen in de bedrijfsvoering, mits dat ook economisch rendabel blijkt.

De boeren dragen op deze wijze actief bij aan een meer circulaire economie van het eiland. Het zelf op het eiland verwerken en vermarkten van de eigen zuivel draagt ook bij aan de verkorting van de voedselketen. De verwachting is dat een deel van de kaas op het eiland als streekproduct afgezet zal worden. Dit draagt uiteraard bij aan de versterking van het toeristisch profiel van Schiermonnikoog, met eigen, lokale producten en een gevarieerd landschap. Kortom; kringlooplandbouw op Schiermonnikoog.

De drie pijlers van het project

Aan de hand van drie belangrijke pijlers wordt het project richting gegeven. Dit zijn:

Pijler 1
een biodivers eiland

Pijler 2
Schiermonnikoger zuivel

Pijler 3
de reststromen

Pijler 1

Een biodivers eiland

De extensivering geeft ruimte om de condities voor het weidevogelbeheer te verbeteren voor een nog sterkere weidevogelpopulatie en om het landschap met biodiversiteit te verrijken. De boeren nemen samen met Natuurmonumenten de verantwoordelijkheid voor het biodiverse beheer van de polder en de omliggende natuurgebieden.

De ambitie is om op de langere termijn verder te gaan dan de 35% reductie en de biodiversiteit te laten floreren

door ingrijpende veranderingen in de bedrijfsvoering, mits dat ook economisch rendabel blijkt. Het streven naar een biodivers eiland uit zich in het streven naar:

  • Een gezondere bodem
  • Meer diversiteit, passend bij het landschap
  • Een bevordering van de weidevogelstand
  • Het verlagen van de ganzendruk op de landbouwgrond

Pijler 2

Schiermonnikoger zuivel

De inkrimping van het aantal koeien op het eiland heeft als gevolg dat de boeren minder inkomsten hebben. Om met minder melkproductie tóch boer te kunnen blijven, wordt er hard gewerkt aan de plannen voor een eigen kaas van de Schiermonnikoger melk. In dit proces wordt intensief opgetrokken met FrieslandCampina en Natuurmonumenten. De unieke bodemsamenstelling op het eiland zorgt voor een zacht-zilte, iets kruidige melk; het ideale ingrediënt voor Schiermonnikoger kaas! 

Geduld is een schone zaak, want het maken en rijpen van kaas heeft veel tijd nodig: de verwachting is daarom dat de kaas pas medio 2020 in de schappen ligt. Het zoeken van de juiste receptuur en smaak die het beste past bij de eilander melksamenstelling is immers nog een hele klus! Een deel van de kaas zal op de vaste wal geproduceerd worden, en in de toekomst wordt ook een deel geproduceerd op de kaashoeve op het eiland, die ook toegankelijk is voor een rondleiding, workshop of kaasproeverij. Volgend jaar kunt u dus genieten van een ontzettend lekkere kaas die uit liefde voor de Schiermonnikoger natuur is ontstaan!

Pijler 3

De reststromen

Met alleen een biodiverse polder en lekkere kaas is het project op Schiermonnikoog nog lang niet voltooid. De boeren dragen ook de zorg voor de reststromen die de landbouwproductie met zich meebrengt. Zo wordt er door de boeren onderzocht hoe het beste omgegaan kan worden met zaken als:

  • Maaisel van de kwelder
  • Bermmaaisel
  • Het schonen van de sloten
  • Vaste mest

 

De boeren komen regelmatig samen om te leren van elkaars ervaringen en maken een taakverdeling in het beheren van de reststromen. Hierin wordt intensief opgetrokken met Natuurmonumenten, de Gemeente Schiermonnikoog en de Provincie Fryslân. Door veel met elkaar op te trekken wordt er geleerd van elkaar, en is er een betere harmonie tussen natuur en landbouw te bewerkstelligen. De toekomstige proeftuinstatus kan de boeren helpen om out-of-the-box te experimenteren met oplossingen voor reststromen.

De ambities

Wat aanvankelijk begonnen is bij de aanpak van de stikstof op het eiland, is dankzij de prachtige samenwerking  met de partners van de Schiermonnikoger boeren uitgegroeid tot een ambitieus plan. De gezamenlijke ambitie is om

een gezond evenwicht te creëren tussen Schiermonnikoger landbouw, natuur, sociale omgeving en economie voor de lange termijn en een  voorbeeld voor hoe dit in andere gebieden gerealiseerd kan worden.

De proeftuinstatus

In het onderzoeksrapport van het Louis Bolk Instituut (Erisman en Verhoeven, 2019) is aangegeven dat omschakeling naar kringloopboeren vergt dat de gangbare boeren geholpen moet worden om naar breder bedrijfsrendement te ontwikkelen en dat de omgeving van de boer dat ook mogelijk moet maken. Dit wordt in de praktijk gebracht op Schiermonnikoog. Dit is een voorbeeld voor de rest van Nederland waar de problematiek, en dus de aanpak, precies hetzelfde is. Inmiddels zijn er al veel lessen geleerd die ook worden gedocumenteerd, en we staan

aan de vooravond van een doorbraak om de stikstofdruk op het natuurgebied fors te verminderen door de melkproductie en dus het aantal koeien met 35% te verminderen. Echter, voordat dit mogelijk kan worden zijn er nog belangrijke hobbels te nemen die mogelijk ook tot mislukken van de transitie kunnen leiden. De proeftuinstatus geeft ruimte aan alle partijen om vanuit hun huidige manier van werken naar nieuwe vormen te zoeken zonder het direct overal toe te moeten passen.

Contact